BERENJACHT
OP BERENJACHT! De leerkracht zegt een zin voor, de leerlingen spreken het na. Lkr: We komen bij een hoge berg Lkr + lln Lkr + lln Lkr + lln Lkr + lln Lkr + lln Lkr + lln Lkr + lln Lkr + lln Lkr Terug: Samen: Wij gaan nooit meer op berenjacht!
Dit doen ze terwijl ze in een lange rij rondlopen. Ze beelden uit wat er gezegd wordt.
Lln: Wij gaan op berenjacht
Lkr: Wij zijn niet bang
Lln: Wij zijn niet bang
Lkr: Wij hebben een pijl en boog
Lln: Wij hebben een pijl en boog
Lkr: En bijlen ook
Lln: En bijlen ook
Lln: We komen bij een hoge berg
Lkr: We kunnen er niet onderdoor
Lln: We kunnen er niet onderdoor
Lkr: We kunnen er niet overheen
Lln: We kunnen er niet overheen
Lkr: We moeten er dwars doorheen
Lln: We moeten er dwars doorheen
Samen: Graaf, graaf, graaf,......
Wij gaan op berenjacht
etc.
We komen bij een groot moeras
We kunnen er niet onderdoor
We kunnen er niet overheen
We moeten er dwars doorheen
Samen: sop, sop, sop, .....
Wij gaan op berenjacht
etc.
We komen bij een groot grasveld
We kunnen er niet onderdoor
We kunnen er niet overheen
We moeten er dwars doorheen
Samen: zoef, zoef, zoef....
Wij gaan op berenjacht
etc.
We komen bij een brede rivier
We kunnen er niet onderdoor
We kunnen er niet overheen
We moeten er dwars doorheen
Samen: zwem, zwem, zwem, .....
Wij gaan op berenjacht
etc.
We komen bij een donker hol
We kunnen er niet onderdoor
We kunnen er niet overheen
We moeten er dwars doorheen
Samen: sluip, sluip, sluip, ......
Stop! Wat zie ik daar: niet 1 beer, geen 2 beren, geen 3 beren maar wel 100 beren.
- rennen
- rivier: zwem, zwem, zwem, ....
- rennen
- grasveld: zoef, zoef, zoef, ...
- rennen
- moeras: sop, sop, sop, ...
- rennen
- berg: graaf, graaf, graaf, ...
- terug naar school rennen