OPDRACHTVORM MET KRANTEN
OPDRACHTVORM MET KRANTEN A) De leerlingen krijgen een krant, vrij experimenteren in de zaal. B) De kranten liggen verspreid in de zaal. De leerlingen lopen rond in de zaal. Wanneer ze de trom horen, lopen ze vlug
naar een krant en voeren de opdracht uit, die vooraf gegeven is, uit. Doelen: C) Van de ene kant naar de overkant. D) In groepjes van vijf. E) We zitten in een kring. Doelen: F) We maken een prop van de krant. Doel: G) De leerkracht legt in het midden van de zaal een krant. De leerlingen leggen om de beurt hun krant neer, maar zorgen dat
deze tegen een andere krant aan ligt.
Doel: ervaren wat je met een krant kunt doen.
- Leg de krant op je hoofd.
- Steek de krant onder je oksel.
- Ga op je krant staan met één been.
- .......
- Vlug en juist reageren.
- Bewust worden van het lichaamsschema.
- Bevorderen van de grove motoriek.
- Loop naar de overkant met de krant tegen je buik.
- Kruip met je krant op je rug naar de overkant.
- Spring met je krant tussen je benen naar de overkant.
- ......
De leerlingen staan achter elkaar op hun eigen krant. De laatste leerling komt met z'n krant vooraan, gaat erop staan en
roept: 'start'. Dit gaat zo door tot ze aan de overkant zijn gekomen.
Alle leerlingen vouwen hun krant in vieren. De leerkracht tekent met een stift een gekromde lijn. De leerlingen scheuren nu
de krant op die lijn. Ze krijgen dan een gat in hun krant wanneer ze deze weer openvouwen.
Ze kruipen er voorzichtig door.
- Scheuren van de kant op de lijn.
- Door de krant kruipen zonder dat deze scheurt.
We gooien de prop van een bepaalde afstand in een mand.
- Bevorderen van de oog-handcoördinatie.
Wat is het geworden als alle kranten liggen?
Gebruik je fantasie!